De bidsprinkhaan van de techno

De bidsprinkhaan van de techno

Thursday 26 November, 2009

 

Cari Lekebusch, een man van zijn woord. We spreken af om aan het eind van de middag te bellen. Om kwart voor zes is het zover. We interviewen de Stockholmer met de komende editie van 's lands meest bekende technofeest - Awakenings - in het achterhoofd. "Ik kijk er naar uit om weer naar Nederland te komen. Het is een van de leukste landen. In het algemeen, maar ook qua dancescene. Al jaren trouwens." Een gesprek over het verleden, in de toekomst zijn en sprinkhanen.

Door Michael Oudman

DJB: Sinds wanneer ben je bezig met electronische muziek?

Lekebusch: "Sinds begin jaren '80. Mijn vrienden en ik kwamen er achter wat voor apparatuur er gebruikt werd voor electronische muziek en gingen in de winkel kijken naar die machines. Ze waren belachelijk duur. Maar toch gingen we er mee aan de slag. Knoppen drukken, loopjes maken. Eind jaren '80 raakte ik verzeild in de electro, acid, techno. Daarma bouwde ik langzaam een eigen studio en begon tracks te maken. Toen begon ik zelf ook een beetje te deejayen. "

DJB: Je zei dat de apparatuur duur was. Hoe kwam je aan het geld?

"Ik had een vriend met een 808 drumcomputer die ik geleend had. Hij wilde hem zelf niet gebruiken. Daarna nam ik kutbaantjes om geld bij elkaar te schrapen waar ik kabels en speakers van kon kopen. Vanaf daar ben ik verder gegaan met verzamelen. Elk jaar kon ik er wel weer wat bij kopen. Toen mijn eerste platen uitkwamen investeerde ik het geld ook meteen in apparatuur. Al mijn geld ging eigenlijk. Ik had geen plek om te leven, dat deed ik in de studio. Het was misschien wel een depressieve tijd. Ik moest offers maken, maar dat is eigenlijk altijd zo. Je moet daartussen een balans zien te vinden. Maar tegenwoordig mag ik niet meer klagen. Ik kan leven, kan mijn huur betalen en ik heb de apparatuur die ik nodig heb om muziek te maken."

DJB: Wat zijn de grootste muzikale veranderingen die je meegemaakt hebt?

"Het brandpunt van de house- en technoscene verschuift altijd van het ene land naar het andere. En van stijl naar stijl. Ook het gemiddelde tempo van een muziekstijl veranderd keer op keer. Dan is het weer langzaam, dan weer snel. Het verandert met de verschillende generaties. Dat is wat ik leuk vind aan house en techno. De stijlen die elk jaar vooruit proberen te gaan, blijven leuk om te volgen. Helemaal als je een stijl al twintig jaar volgt. Als je zelf produceert wil je ook vooruitgaan, toch? Je kijkt terug en realiseert je wat je gedaan hebt en je bedenkt je wat je nu weer gaat doen. Het is een langzaam proces."

DJB: Je hebt in de jaren dat je bezig bent een enorm aantal releases uitgebracht. Gaat het niet vervelen?

"Nee! Het wordt juist leuker en leuker. Elke keer ontdek ik nieuwe manieren om bepaalde dingen te doen. Het geeft ook echt een oppepper als je leuke gigs hebt, goede feedback ontvangt en nieuwe ideeën krijgt. In een donkere kamer zitten geeft je echt geen inspiratie, terwijl je die juist zo hard nodig hebt. Er zijn zoveel factoren in een leven waardoor je focus even niet meer op de muziek ligt. Als je dan na een jaar weer in de muziek duikt, heb je weer nieuwe inspiratie. Ik hou er ook van om andere culturen te leren kennen, om vreemde mensen te spreken. Je leert ook veel over je eigen cultuur als je reist. Inspiratie ontstaat meestal uit een gevoel, een stemming. Soms sta ik op een plein, in een stad waar ik nog nooit geweest ben. Het is nacht en ik zie de lichten en je spreekt wat mensen, je komt in een bepaalde stemming en dan kun je dat gevoel in muziek omzetten. En daar zet je dan een beat onder, haha. Maar soms is het ook iets simpels, als een geluidje uit een synth."

DJB: Is het een tweede natuur voor je?

"Ik denk het wel ja. Na verloop van tijd althans. Ik denk nooit echt na over wat ik moet doen, het gebeurt gewoon. Soms dan weet ik dat ik iets nodig heb, maar niet wat. En dan ga ik jammen. Na een tijdje experimenteren, kom je er vanzelf achter. Het is zo abstract dat je het niet kunt plaatsen, totdat je die paar seconden ervaart waarop je het geluid daadwerkelijk hoort. Dan pas wordt het tastbaar. Je moet een Jedi zijn om precies te weten wat je doet. Je drijft op het moment, je hoeft niet na te denken, alleen te voelen. Het is alsof je de toekomst ervaart, alsof je een paar seconden vooruit loopt."

DJB: Wat heb je met bidsprinkhanen?

"Het is echt een raar beest. Ik hou van jongs af aan al van kung fu films en The Praying Mantis (bidsprinkhaan) is een bepaald kung fu stijl. Ik hou ook van de filosofie achter kung fu. Het is eigenlijk een hobby die ik al heel lang heb, naast muziek. Bovendien is het beest zelf ook fascinerend. Het is misschien ook een mascotte."

DJB: En wat heb je met hoofddeksels?

"Als je begint met iets, kun je er soms moeilijk mee stoppen. Ik heb een gelukspet. Als je op tournee bent en je vindt een pet en je gig gaat goed, dan denk je onbewust misschien toch dat het door die pet komt. Ik droeg altijd al petjes, ik was ook een b-boy,weet je. Ik ben niet heel bijgelovig, maar ik heb toch wat bijgeloof van m'n oma geërfd, denk ik."

Cari Lekebusch staat op 27 november op de Drumcode Special van Awakenings in de Amsterdamse Gashouder. Op het affiche vind je ook nog Ida Engberg, Joseph Capriati, Paul Ritch, Adam Beyer en The Advent & Industrializer.


Links

 

Have a word

Please fill in the details to post your comment.
Name Email Capacocha
code Comment
Cancel Post comment