Blueprint Labels: Planet E

Blueprint Labels: Planet E

Wednesday 28 October, 2009

Text: Alfred Bos

Planet E is het label van Carl Craig, die het belangrijkste boegbeeld is van de zgn. tweede generatie techno producers uit Detroit. Craig (1969) begon het label in 1991, nadat hij zijn eerste producties had uitgebracht op het kortbestaande Retroactive label en Transmat, het label van zijn mentor Derrick May. Craigs muzikale belangstelling is altijd breder geweest dan electronica; hij was de eerste techno producer die ook jazz en wereldmuziek integreerde in zijn producties. Die kant van zijn smaak vent hij uit op Community Projects, een sublabel van Planet E.

Door Alfred Bos

Carl Craig begon een eigen label om zijn muzikale onafhankelijkheid te waarborgen. "Als artiest ben je altijd op zoek naar onafhankelijkheid. Toen ik muziek begon te maken keek ik naar labels als Sire, Casablanca en Wax Trax, die muziek uitbrachten waar ik als 14-, 15-jarige naar luisterde. Toen ik me in de muziekindustrie ging verdiepen, kwam ik erachter dat ik mijn idee over muziek beter kwijt kon op een onafhankelijk label. Planet E zorgt ervoor dat ik autonoom ben en complete controle heb."

DJB: Had je voorbeelden of inspiratiebronnen? Mensen in je directe omgeving?

Craig: "Ik kom uit Detroit, dus Motown was het eerste label om als voorbeeld te nemen. Het is in zekere zin het ultieme onafhankelijke label. In de jaren '70 had je hier in de stad het Tribe label, dat zelf muziek en tijdschriften voor de lokale gemeenschap uitbracht. Toen kende ik hen nog niet, maar anderen in mijn omgeving wel. Directe invloeden waren Transmat (van Derrick May), Metroplex (van Juan Atkins) en KMS (van Kevin Saunderson). Die ontdekten hoe je platen kon verkopen. Dat ontdekten ze via toeval. Derrick May is mijn mentor, maar hij heeft me nooit geleerd hoe je platen moet verkopen. Of hoe je platen moest laten persen. Dat heb ik allemaal zelf ontdekt. Maar ik heb van hem geleerd hoe je een artiest kunt zijn en hoe je je loopbaan kunt sturen."

DJB: Was het intimiderend voor een creatief persoon om zich te verdiepen in de zakelijke kant?

"Alleen als het om het verkopen zelf ging. Ik ben Planet E bijna als geheim project begonnen, ik gaf er geen ruchtbaarheid aan. Het concept was dat ikzelf als artiest anoniem zou zijn en dat gold ook voor het label. Ik heb niemand verteld wie [de act] 69 in werkelijkheid was en ook over het label hield ik mijn mond. Na verloop van tijd had men door dat ik het was. Het ging er mij om dat de muziek zijn weg vond in de wereld."

DJB: Het Belgische label R&S heeft begin jaren '90 enkele van je 69 tracks gelicenseerd voor een Europese release. Toen werd ook duidelijk dat jij erachter zat. Zat het je dwars dat het geheim was onthuld?

"Ik vond het toen oké, ik heb pas met de derde release mijn naam op de hoes gezet. Ik had toen onder verschillende namen al muziek uitgebracht op Transmat. Wat mij betreft had ik al genoeg erkenning. Ik vond het interessant om als naamloze creatief te zijn. Muziek is muziek. Muziek is niet bedoeld om ego's op te pompen. Ik beschouw het maken van muziek als iets wat je het uitdrijven van duivels zou kunnen noemen. Het is iets spiritueels."

DJB: Hoe is het contact met R&S tot stand gekomen? Was je op zoek naar een Europese distributeur voor Planet E?

"Het label deed het al goed voordat R&S zich meldde. Mensen als Dimitri in Amsterdam en Koenie in Antwerpen draaiden mijn tracks al vaak. Naar aanleiding daarvan stelde R&S voor om iets te doen. Hun belangstelling is zonder twijfel in gang gezet door Dimitri en Koenie. Er waren nog een paar dj's in Nederland en Belgie die mijn 69 tracks ondersteunden."

DJB: In 1995 heb je een artiestenalbum, Landcruising, gemaakt voor een major, Warner. Wat bezielde je?

"Ik had een remix gemaakt voor Ultramarine, een act op een sublabel van Warner, Blanco Y Negro. De labelmanager vroeg me of ik muziek via zijn label wilde uitbrengen en dat heb ik gedaan. Zoals ik al vertelde had ik al tiener veel geluisterd naar muziek op sublabels van Warner. Dus ik had er wel oren naar om ook op zo'n label uit te komen. Ik was naïef! Ik stapte erin met een fantasie in mijn hoofd en kwam weer buiten met een lesje realiteit achter de kiezen. Ik zat op het kantoor van het label om de credits voor de hoes voor te bereiden toen de baas binnenliep en tegen een medewerker zei: The Outhere Brothers, die zijn hot, werk eraan! Plotseling sprong iedereen op en begon door elkaar te rennen, bijna als een filmscene.

Daaruit leidde ik af dat mijn plaat minder aandacht zou krijgen. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat Landcruising geen commerciële plaat is. Die zal dus nooit groot worden. Via dat album en mijn werk voor Blanco Y Negro wilde ik laten zien dat ik niet alleen in mijn eigen wereldje bezig was. Ik stond ook open voor werk voor andere labels, remixen bijvoorbeeld. Met dat werk kon ik mijn eigen label draaiende houden en mijn creatieve onafhankelijkheid bewaren.  Het is beter om een remixopdracht voor een vast bedrag - vooruit betaald - te krijgen dan een distributiedeal met een royalty afrekening achteraf."

DJB: Hoe kijk je terug op die major label ervaring?

"Als een goede les, niet iets om spijt over te hebben. Als ik die kans niet had gehad, zou ik waarschijnlijk nooit die muziek hebben gemaakt. Het album is onlangs overnieuw uitgekomen via Planet E, in aangepaste vorm. Met de meeste major label contracten heb je na verloop van een aantal jaren het recht om je muziek opnieuw op te nemen."

DJB: Aanvankelijk bracht Planet E alleen jouw muziek uit, maar geleidelijk aan zijn er ook anderen - waaronder Moodymann en Alton Miller -  via het label uitgebracht. Was daar een aanleiding voor?

"Ik stond open voor muziek van anderen. Je hebt een label en daar wil je mooie muziek op uitbrengen. Je hebt die muziek misschien niet zelf gemaakt, maar omdat je het uitbrengt ben je er ook bij betrokken."

DJB: Tegenwoordig heeft Planet E diverse Europese producers in de stal. Komen die naar jou toe of ben je zelf actief op zoek naar nieuw talent?

"Meestal krijg ik demo's. Ik ben geen doorsnee A&R persoon. Mijn bedrijf is er niet afhankelijk van dat ik 's nachts de clubs afschuim op zoek naar talenten zonder contract. Mijn bedrijf wil muziek met een vooruitziende blik uitbrengen. Ik probeer zoveel mogelijk demo's te beluisteren. Monty, de labelmanager van Planet E in Detroit, schuift me demo's toe die ik moet horen. Reggie doet de fabricage en distributie van de platen. Ikzelf doe A&R, labelmanagement en een deel van de administratie. Mijn vader is de accountant. Iedereen draagt zijn steentje bij en iedereen is een multitasker en helpt de anderen. We zijn met zijn vieren, in full time dienstverband."

DJB: Kun je nader ingaan op de identiteit van het label. Bijvoorbeeld, waar zoek je naar als je demo's afluistert?

"Ik zoek iets wat me verrast, waarvan ik niet wist dat ik ernaar op zoek was. Iets wat je prikkelt en stimuleert. Voor ik naar de zakelijke kant kijk, kijk ik eerst naar de creatieve kant. Ik ben niet bezig met trends en hypes. Ik loop een tijdje mee en ik realiseer me dat er constant vernieuwing is. Maar als Justice opeens hot is, betekent dat niet dat Planet E opeens met Justice moet concurreren. Ik zoek ook niet iemand die Carl Craig kopieert."

DJB: Je doet ook een sublabel, Community Projects. Hoe is dat ontstaan?

"Motown was een van mijn voorbeelden en die hadden een hele stoet sublabels: Gordy, Tamla, Rare Earth en nog veel meer. Community Projects is een alterego van Planet E. Het staat in beginsel open voor alle soorten muziek, maar in de praktijk zul je er weinig electronische muziek op horen. Eerder jazz of muziek uit Afrika. Of uit de hele wereld. Detroit is multi-cultureel. We hebben een grote Arabische gemeenschap, veel mensen uit Azië, Grieken, mensen uit Senegal. En er lopen hier een aantal muzikanten met een verleden rond, mensen die hebben gespeeld met Sun Ra of andere grootheden. Het voorbeeld voor Community Project zijn Europese labels als Souljazz, die dat soort muziek uitbrengen. Detroit moet ook zo'n label hebben. Dan hoeven de muzikanten uit Detroit niet naar Europa."

DJB: Waar je op het ogenblik mee bezig voor het label? Er is een limited boxset van 69 vinyl, het Landcruising album is in een gewijzigde vorm opnieuw uit. Wat nog meer?

"Het album van [jaren '70 jazz act] Tribe is klaar om uitgebracht te worden. In de States is het al beschikbaar in digitale vorm, zodat het kan meedingen naar een Grammy Award. Daar is twee jaar werk in gaan zitten. We plannen ook een boek over Tribe. De 69 boxset was een grote productie, alles is opnieuw gemastered. Het verschil in geluid is enorm. Ook al is de muziek snel en ruw gemaakt, de nieuwe masters klinken lichtjaren beter. Op Planet E plannen we een serie, Modular Pursuits. Dat ben ik, die met modulaire synths aan het stoeien is; je moet denken aan die oude langspelers met geluidseffecten. Maffe geluiden, geen clubmuziek. Die komt alleen uit op vinyl."

DJB: Hoe zie je de toekomst van Planet E in relatie tot de toekomst van de muziekindustrie?

"Ik kan de toekomst niet voorspellen. Veel te link, meestal zit je ernaast. Wat mij betreft is het businenss as usual: op zoek naar goede muziek die het waard is om te worden uitgebracht. Kwaliteitsreleases qua presentatie en geluid. Mijn idee van de toekomst is dat we niet alleen nieuwe en moderne muziek maken, maar dat we ook de kwaliteit van het geluid en het hoesontwerp naar een hoger plan tillen. En we blijven vinyl trouw. Vinyl heeft de hoogste resolutie die je kunt krijgen. Vinyl is nu wat de baseball trading cards vroeger waren: iets voor verzamelaars."

Het album Rebirth van Tribe verschijnt deze maand via Community Projects. Voor meer info over de remaster van Landcruising en de gelimiteerde vinylbox van 69, zie de website van Planet E.



Links

 

Have a word

Please fill in the details to post your comment.
Name Email Capacocha
code Comment
Cancel Post comment